donderdag 14 november 2013

Seizoensterugblik: pieken en dalen

Met de vakantie in Bolivia achter de rug, heeft Annemiek er al weer een hele periode opzitten na het seizoen. Een wielerjaar dat ze afsloot met een mooie wegwedstrijd op de wereldkampioenschappen in Florence, waar ploeggenote Marianne Vos het goud prolongeerde. De periode tussen het einde van het seizoen en nu is ook handig geweest om wat dingen op een rij te zetten. Tijd dus om eens terug te blikken op het wielerjaar 2013. Dat doen we aan de hand van een aantal vragen. Zo komen de hoogtepunten en dieptepunten van het seizoen aan bod, maar ook Annemiek’s teruggekeerde blessure en haar ontwikkeling in de sprints.

We zitten inmiddels al een tijd na het seizoen. Wat is je van het afgelopen jaar het meest bijgebleven?
Annemiek: “De ‘flow’ die ik ervoer na mijn hoogtestage en die het sterkst was tijdens de Holland Ladies Tour. Daar leek ik echt te vliegen. Ik vloog er ook elke dag in, reed veel in de aanval, kon lekker vrij koersen en de laatste dag verloor ik de etappe op een millimeter van Tatiana Guderzo, terwijl ik daarvoor nog had gedacht na twee lekke banden uit de koers te zijn. Maar ik kwam terug en reed gelijk weer weg. Voor mij was het ook speciaal dat ik de laatste dag ook nog zo goed reed, want dat is normaal nooit de dag waarin ik op mijn best ben. Het moet o.a. het hoogtestage-effect zijn geweest waardoor ik zo goed reed. Ik vond dat wel bijzonder om mee te maken en het gaf me ook veel vertrouwen richting het WK.”

Zelf wist je een mooi aantal overwinningen te boeken. Wat was jouw hoogtepunt?
“Iedere overwinning is wel speciaal. Maar na een teleurstellend voorseizoen, waar ik steeds niet mijn normale niveau haalde, was het super lekker om in april in Luxemburg voor de tweede keer de proloog te winnen. Toen had ik weer het vertrouwen: ‘ik kan het nog!’ Ik voelde me toen enorm opgelucht. Ook de etappewinst in de Thüringen Rundfahrt gaf me een geweldig gevoel, zeker omdat de etappekoersen tot dan toe heel teleurstellend voor me waren verlopen.”

Je rood-wit-blauwe trui raakte je kwijt. Was dat de meest bittere pil dit jaar?
“Natuurlijk was ik teleurgesteld dat ik mijn trui kwijt raakte, zeker omdat ik die dag wel echt goed reed. Maar ik wist ook dat prolongatie van mijn trui moeilijk zou worden. Op een NK is het wel eens lastig dat heel veel goede Nederlandse meiden in een team zitten en dat je dan soms door het ploegenspel beperkt wordt. Aan de andere kant heb ik ook vaak genoeg van deze situatie kunnen profiteren en ik ben niet de persoon die erg in de put gaat zitten van een wedstrijd die niet verlopen is zoals ik had gehoopt.

De meest bittere pil zat meer in de terugkeer van mijn oude blessure. Als sporter ga je altijd twijfelen en ben je onzeker als het niet lekker loopt. In het voorseizoen werd ik bijvoorbeeld, tijdens de Energiewacht Tour, gewoon een paar keer uit het wiel gereden. En op de Oude Kwaremont, tijdens de Ronde van Vlaanderen, kon ik ook gewoon niet mee toen de kopgroep van vier wegreed. Andere jaren kon ik dan altijd wel mee. Ik begon steeds meer vraagtekens te zetten bij hoe dit toch kwam. In het begin hoop je nog dat het een tijdelijke -onverklaarbare- vormdip is.

Na een aantal etappekoersen kwam voor mij wel de aanwijzing dat het ook wel eens heel goed kon zijn dat ik weer last had van mijn terugkerende blessure: de vernauwing van mijn liesslagader. Ik haalde mijn normale niveau net niet in eendaagse wedstrijden. In tijdritten, koersen waar het bergop ging en meerdaagse wedstrijden werd het vervolgens wel heel pijnlijk duidelijk dat mijn klachten weer heel erg wezen op de terugkeer van mijn oude blessure.”

Tijdrit in Thüringen een dieptepunt
“Een dieptepunt van dit seizoen dat ik niet snel zal vergeten is de tijdrit in de Thüringen Rundfahrt. De derde etappe had ik gewonnen en de dag erna moesten we de tijdrit rijden. Vanaf de start werd dat één grote worsteling, omdat mijn benen nog totaal niet hersteld waren. Ik kon halverwege niet meer zitten en ben afwisselend staand en zittend naar de finish geharkt met anderhalf been en eindigde als 31e…. Mijn linkerbeen was totaal niet hersteld en liep gelijk helemaal vol: ik kon totaal geen power leveren.

Na die tijdrit volgden nog drie etappes waar ik continu, met pijn in mijn been, op karakter de finish probeerde te halen. Echt meedoen voor de overwinning zat er al helemaal niet meer in. Hetzelfde had ik tijdens de Giro d’Italia dit jaar. De eerste twee dagen haalde ik nog mijn niveau, op dag vijf werd ik uit het vertrek gelijk na de neutralisatie als eerste gelost… Dan is het echt lastig om positief te blijven en het plezier in het fietsen te blijven houden. Zeker ook omdat ik de pijn ook voel tijdens trainingen en je continu met je blessure geconfronteerd wordt.”

Positiever was een andere ontwikkeling die je doormaakte. Je gaf dit jaar meermaals aan je te ontwikkelen in het sprintwerk. Kan je eens uitleggen hoe die ontwikkeling in zijn werk gaat? En liggen daar ook ambities voor de toekomst?
“Ik heb dit jaar een aantal keer de kans gekregen om zelf mee te sprinten. Normaal gesproken is Marianne degene waar ik de ‘lead out’ voor doe. Dat betekent dat ik in de sprinttrein de laatste vrouw ben en Marianne breng tot ongeveer 200 meter voor de finish. Dan zit mijn taak erop. Ook daar leer je wel van, want ook dan moet je jezelf en je sprinter achter je goed zien te plaatsen. De keren dat Marianne er niet was, was ik het die hulp kreeg van mijn ploeggenoten en dan is mijn taak heel anders.

Ik heb afgelopen jaar wel gemerkt dat ik nog enorm veel moet leren in het moment van aangaan. Eén van de dingen die ik heb geleerd is dat ik de rust meer moet bewaren en vertrouwen moet hebben dat er nog wel ergens op 250 meter voor de finish een ‘gaatje’ gaat komen als je ingesloten raakt. Echter komt dat gaatje er soms ook niet en zit je gewoon echt ingesloten. Dat had ik de tweede dag in Thüringen.

Ik kan nog veel verbeteren als ik er voor kan zorgen dat ik niet te vroeg op kop kom. Afgelopen jaar heb ik daar wel fouten meegemaakt. De grootste fout die me bij is gebleven was die tijdens de Hills Classic. Daar werd ik derde in de sprint van een kopgroep, maar had ik echt moeten winnen. Ik had de finish niet verkend, vergiste me in de aankomst en kwam veel te vroeg op kop. Ashleigh Moolman won daar uiteindelijk en daar baalde ik enorm van, omdat ik die dag heel goed was en echt vond dat ik een grove fout had gemaakt.

Mezelf mengen in de massasprints vind ik achteraf vaak heel leuk om te doen, maar tien kilometer voor het einde denk je wel eens: ‘waarom wilde ik dit ook al weer zo graag….’. Het brengt wel druk met zich mee als al je ploeggenoten zich voor jou opofferen en je helpen en bovendien is het vaak vrij hectisch en gevaarlijk. Toch blijft het me wel trekken om me er verder in te ontwikkelen. Ook omdat ik aan mijn wattages in trainingen zie dat ik steeds sterker en ook wel explosiever word.”

Seizoen in een notendop
Nog even een kleine terugblik op het seizoen aan de hand van wat feiten. Daarin komen natuurlijk de overwinningen die Annemiek wist te boeken naar voren. Het lukte haar in 2013 zes keer om de zege binnen te halen. Zo won ze een etappe in zowel de Thüringen Rundfahrt als de Tropheé d’Or en was ze de snelste in de proloog van de GP Elsy Jacobs in Luxemburg. Daarnaast schreef Annemiek de nationale klassieker GP Groenen Groep op haar naam en won ze twee criteriums, de Ronde van Geldrop en Ronde van Rijssen.

Naast de overwinningen behaalde Annemiek nog eens negen podiumplaatsen, waarbij zowel op de NK weg als NK tijdrijden brons haar deel was. In de acht World Cup wedstrijden, waarvan Annemiek er dit jaar zes reed, wist ze vier keer bij de beste tien te eindigen. Het leverde haar uiteindelijk een zesde plaats in het klassement van de wereldbeker op. In de door Vos gewonnen wegwedstrijd van het WK wielrennen finishte Annemiek als vijftiende, terwijl ze een week eerder met Rabobank-Liv/Giant het zilver veroverde in de WK ploegentijdrit.

Gepost door: Annemiek op donderdag 14 november 2013

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Nieuwste berichten

zondag 18 oktober 2020

Aanval loont niet in Ronde van Vlaanderen

vrijdag 16 oktober 2020

Trainingen op Sardinië als basis voor de Hoogmis

© Annemiek van Vleuten