Persoonlijke gegevens:
|
Over mijn fietscarrière: Tot 2006 was het nooit bij me opgekomen om te gaan wielrennen. Het enige dat ik regelmatig deed was een onvrijwillige ‘training’ van zevenkilometer om nog op tijd op school te komen. Op de basisschool bleef het bij een beetje voetballen op straat en gymnastiek. Mijn turntalent was echter ver te zoeken, dus besloot ik op mijn elfde net als mijn zus te gaan paardrijden. Het mooiste vond ik om met snelheid door de Achterhoekse bossen te crossen. Ik miste bij het paardrijden echter de ‘teamspirit’ en daarom werd ik op mijn achttiende lid bij voetbalvereniging Ratti. Qua techniek was ik veel te laat met deze sport begonnen, maar met mijn conditie kon ik dit aardig compenseren. Met het voetballen begon het fanatisme voor sport. Na twee operaties aan mijn meniscus, scheurde ik ook nog mijn voorste kruisband af tijdens een wedstrijd in 2005. De arts adviseerde mij om te stoppen met voetbal en in plaats daarvan te kiezen voor zwemmen of fietsen.
Wielrennen was voor mij geen onbekende sport, want het fietsvirus is duidelijk aanwezig aan de kant van de familie van mijn moeder. Bovendien volgde ik al jong het wielrennen op tv en in de krant. In de vakanties zat ik elk jaar voor de tv om de Tour te volgen. Toen ik zelf begon met fietsen, zag ik dit echter gewoon als een sport om in beweging te blijven en was het totaal niet bij me opgekomen om wedstrijden te gaan rijden. Toen ik zelf begon met fietsen, zag ik dit echter gewoon als recreatieve bezigheid. Op advies van mijn familie kocht ik mijn eerste racefiets: een tweedehands Jan Janssen voor 250 euro met schakelen op de buis. Het begon met fietsen van Wageningen naar mijn ouders in Vorden (waarbij ik al snel ging proberen om dit traject in steeds kortere tijd af te leggen). In 2006 werd ik lid van de toerclub in Wageningen (TCW ’79). Het rijden ging steeds makkelijker en ik kreeg toen van meerdere kanten te horen dat ik wellicht eens een wedstrijd moest gaan rijden. In 2007 vroeg ik mijn eerste licentie aan. |
|
2007 In het laatste jaar van mijn studententijd ging ik serieus trainen bij WV Ede onder leiding van Gerrit Tichelaar. Mijn eerste criterium reed ik in april 2007 in Waddinxveen en dat was een erg leuke ervaring, ik werd daar 17e. De wedstrijd daarna in Lexmond won ik tot mijn verbazing. In de criteriums reed ik aanvallend en dat werd een aantal keer beloond met een podiumplaats.
Ik werd dat jaar ook uitgenodigd om als gastrenster bij het damesteam van Therme Skincare de Holland Ladies Tour te rijden. Helaas werd dat een teleurstelling, omdat ik na de eerste dag al uit koers was door een valpartij. Als afsluiting van het seizoen werd het NK voor studenten gehouden op de Utrechtse Heuvelrug. Ik reed de hele tijd aanvallend en twee ronden voor het einde wist ik alleen weg te rijden en zo kwam ik solo over de meet. Een super afsluiting van mijn eerste jaar met licentie.
Belangrijkste uitslagen 2007: |
|
2008 In 2008 mocht ik gaan rijden bij de damesploeg van ‘Vrienden van het Platteland’. Voor het eerst reed ik allerlei klassiekers en zelfs wereldbekerwedstrijden. Alles was nieuw voor mij. Het tijdrijden bleek mij wel goed te liggen en daarmee haalde ik mooie resultaten in de proloog van de Tour du Limousin (3e), proloog Ster Zeeuwsche Eilanden (5e) en op het WK studenten (2e). Ook in de wegwedstrijden liep het goed. In de wedstrijd in Roeselare zat ik in de kopgroep van acht en in de sprint werd ik tot mijn verbazing tweede.
Belangrijkste uitslagen 2008: 93e UCI ranking aan het eind van 2008 |
|
2009 In 2009 maakte ik de overstap naar het team DSB-Bank – Nederland Bloeit. De grootste progressie maakte ik dit jaar op tactisch gebied, al is de vooruitgang niet zozeer in de uitslagen terug te zien. Voor een deel was dit te verklaren doordat ik last bleek te hebben van een ernstige vernauwing in mijn liesslagader door gevormd littekenweefsel. Vooral in de tijdritten vielen mijn resultaten tegen. Het gehele seizoen kon ik niet goed in het ‘rood’ rijden en dat leverde veel frustraties op bij het trainen. In augustus werd tot mijn schrik deze diagnose gesteld. Aan de andere kant was ik ook wel opgelucht dat ik nu een verklaring had voor het gevoel in mijn rechterbeen. Eind september werd ik succesvol geopereerd aan deze blessure.
Belangrijkste uitslagen 2009: 140e op UCI ranking aan het eind van 2009 |
|
2010 Het seizoen van 2010 was voor mij een droomjaar. Waar ik voorgaande jaren vooral enkel kon meerijden op nationaal niveau, kon ik dit jaar regelmatig meestrijden voor podiumplaatsen in internationale wedstrijden. Het begon met drie super dagen in Drenthe, waarbij ik achtereenvolgens 3e werd in de 8 van Dwingeloo, 2e in de Werelbekerwedstrijd en de dag erna de Novilon ronde van Drenthe wist te winnen! Het leek wel alsof ik het hele jaar in vorm bleef. In augustus won ik mijn eerste etappewedstrijd: de ‘Route de France’. Het was een hele bijzondere ervaring om 8 dagen lang in de leiderstrui te rijden. In 2010 stond ik uiteindelijk 25 keer op het podium in internationale (UCI) wedstrijden. Ter vergelijking : het jaar daarvoor had ik geen enkele keer een podium behaald in een internationale wedstrijd. Aan het einde van het jaar mocht ik ook het WK rijden in Melbourne. Jammer genoeg kreeg ik bij deze wedstrijd 10 kilometer voor het einde een lekke band. Ik sloot het jaar af als 6e op de UCI ranking.
Belangrijkste uitslagen 2010: 6e Op de UCI ranking aan het eind van het seizoen |
|
2011 In 2010 had ik wel een aantal wedstrijden gewonnnen, maar nog geen wereldbekerwedstrijd en dat had ik als doel gesteld voor het seizoen 2011. Mijn ploegleider Jeroen Blijlevens vond dat ik dit seizoen zelfs voor de eindoverwinning van de wereldbeker moest gaan, maar zelf geloofde ik daar in het begin van het seizoen nog niet in. Een wereldbekerwedstrijd winnen leek me al behoorlijk ambitieus! 1e Wereldbekerwedstrijd Ronde van Vlaanderen 2e Eindklassement etappekoers Tour of Chongming Island, China |